Er was een evenement gaande. Een groot evenement waar iedereen maar dan ook iedereen in het hele land en ook over de grenzen aan meedeed. Het was een soort lange straat waar onderweg allemaal attracties stonden als een grote continu kermis. Je kon de hele route aflopen, maar er waren ook veel mensen die bleven hangen bij bepaalde attracties. Ik dacht mee te moeten lopen, en ik deed dat ook. Maar het voelde niet goed, alhoewel ik wel doorliep. Nergens een attractie die mij aanstond, het was het allemaal net niet. Dus ik liep en ik liep. Hoe verder ik liep, hoe meer ik wist dat ik bij de grote attractie kwam waar het allemaal om begonnen was. Maar toch voelde het niet goed.

Ik besefte dat hetgeen mij niet aanstond, dat dat de muziek was. Ik had andere muziek nodig. Maar er was alleen maar overal diezelfde kermismuziek. Gaandeweg hoorde ik van iemand die hetzelfde gevoel had gehad, iemand die een oplossing had gevonden. Ik moest op zoek naar die persoon, ik moest weten wat de oplossing was geweest. En ineens zag ik waar die persoon was. Hij zat wel op de kermis, maar niet bij een attractie zoals iedereen. Hij was gaan wonen tussen de attracties, of misschien een beetje aan de rand ergens. Daar had hij zelf een ander soort attractie gebouwd, en in die attractie had hij zijn eigen muziek. De meeste mensen liepen er voorbij, omdat de attractie zo anders was. Maar de mensen die kwamen kijken, waren erg geïnteresseerd. Ik wist nooit dat er andere muziek bestond. Ook wist ik niet dat je zelf een attractie kon bouwen op de kermis, in plaats van de andere attracties te bezoeken. Maar het idee dat die mogelijkheid er was, gaf mij rust. Een enorme druk viel van mij af. Nu moest ik ergens in de kermis mijn eigen plekje gaan zoeken voor mijn attractie, en op zoek naar mijn soort muziek...

Met een voldaan gevoel werd ik wakker, en opende mijn ogen.